Natuurlijke vergrijzing hout

Het is een opkomende trend om buitenschrijnwerk te kiezen uit hout en dit laten vergrijzen. Als klant verwacht  men houten ramen en deuren die mooi egaal gaan vergrijzen. Bijkomend wordt verwacht dat dit houten buitenschrijnwerk niet meer behandeld of geverfd moet worden. De werkelijkheid is echter anders, ongeacht welke houtsoort men kiest.

Een egale vergrijzing van hout is niet realistisch.  De vergrijzing van hout wordt immers beïnvloed door verschillende factoren zoals de plaats van het schrijnwerk (noorden, zuiden, …), een eventuele oversteek, schaduw, vochtopslorping, verschil in houtsecties, …

Op de eerste foto onderaan staat een groot raam. Aan het bovenste deel komt minder zonlicht, waardoor het vergrijzingsproces langzamer verloopt.  In het midden kan de zon vlot haar werk doen. Onderaan kan het hout vocht optrekken van de dorpel, wat ook zorgt voor een andere verkleuring. Stel dat er om de hoek een identiek raam geplaatst zou zijn, dan zou het kunnen dat de natuurlijke elementen een andere invloed uitoefenen waardoor dit raam er totaal anders uit zal zien.

Op de 2de foto is te zien hoe verschillen van houtsecties een rol speelt. Intern zijn deze houten planchetten bevestigd op horizontale balken in de deur. Op de plaats waar de planchetten op de horizontale balken bevestigd zijn, is er duidelijk een andere vergrijzing.

Hout dient behandeld te worden om te beschermen tegen UV-aantasting, vochtindringing, blauwschimmel, houtrot, barsten, … Als men er voor kiest om het hout onbehandeld te laten, is het niet beschermd. Een raam gemaakt uit een harde houtsoort zoals afromosia zal niet weggerrot zijn na 30 jaar, maar zal niet meer de nodige bescherming bieden tegen water- en windinfiltratie. Een hedendaags raam moet een optimale bescherming bieden en moet gedurende zeer lange tijd weerstand kunnen bieden tegen externe factoren. Een onbehandeld raam of deur biedt hiervoor niet voldoende bescherming. Vooral vochtindringing vormt op korte en/of lange termijn een groot probleem. Aangezien de verbindingen van het houten schrijnwerk niet behandeld zijn, kan er bij een regenbui water naar binnen sijpelen (zie derde foto)

Als men hout wil gebruiken dat niet maatvast moet zijn (tuinstoelen, pergola's, tuinhuisjes) kan men dus probleemloos gebruik maken van onbehandeld hardhout en dit laten vergrijzen. Als hier het hout licht vervormt of waterinsijpeling toelaat, is er geen probleem. Op de laatste foto staat een raam dat 5 jaar onbehandeld in een woning heeft gestaan.

De oplossing om ramen en deuren op lange termijn onbehandeld te laten is tijdrovend.  Men kan het hout behandelen met een kleurloos (of licht getint) niet filmvormend systeem (C1 procedé). Om toch voldoende bescherming te bieden is het aangewezen dit meerdere malen per jaar opnieuw te doen. Omdat deze beschermingsstof niet indringt in het hardhout, geeft dit een bescherming van maximum 3 maanden.

Conclusie : bezint eer je begint.

De keuze om onbehandeld buitenschrijnwerk te plaatsen moet men doordacht maken. In de meeste toepassingen van buitenschrijnwerk en zonder de juiste behandeling, kan vergrijsd buitenschrijnwerk een doorn in het oog worden. Een vernislaag lichte eik tint geeft wel voldoende bescherming en laat de natuurlijkheid van het hout ook tot zijn recht komen, maar dan zonder de nadelen van onbehandeld hout.

Winfera kiest dan ook bewust om dit niet op te nemen in het gamma.

 

 

Vraag een gratis offerte aan voor houten ramen en deuren